De gevolgen van betrokkenheid bij Coinye voor de Nederlandse student

Het logo van Coinye.

Het logo van Coinye.

Tweakers kwam met het nieuws dat muzikant Kanye West onder meer een 24-jarige Nederlandse student heeft aangeklaagd omdat hij is betrokken bij de cryptocurrency Coinye. Kanye West eist natuurlijk een schadevergoeding en punitive damages en in de reacties op het artikel op Tweakers vraagt men zich af welke gevolgen dit kan hebben voor de Nederlandse student. In deze blog zal ik kort hierop ingaan.

Allereerst rijst de vraag of de Nederlandse student kan worden uitgeleverd aan de Verenigde Staten. Uitlevering is alleen mogelijk in strafrechtelijke zaken (zie artikel 4 van de Uitleveringswet) en aangezien dit een civielrechtelijke kwestie is (een burger klaagt een burger van een ander land aan) hoeft de Nederlandse student zich hierover dan ook geen zorgen te maken.

De volgende vraag is of de Amerikaanse rechter bevoegd is om hierover uitspraak te doen of dat Kanye West (of zijn advocaat) naar Nederland zal moeten reizen om een zaak te beginnen tegen de Nederlandse student. Het voelt voor sommige mensen wat vreemd aan dat je zo maar in de Verenigde Staten misschien een hoge schadevergoeding en punitive damages (een vaak extreem hoge civielrechtelijke ‘boete’ voor het afschrikwekkende effect) krijgt opgelegd terwijl er in het Nederlands recht geen punitive damages worden toegekend. Toch is het goed mogelijk dat een rechter in de Verenigde Staten een uitspraak zal doen ongeacht of de Nederlandse student bij dit proces komt opdagen. De vraag is alleen, wat kan Kanye vervolgens met dit (verstek)vonnis? Als de Nederlandse student nooit een voet binnen de Verenigde Staten zal zetten, dan zal Kanye naar Nederland moeten om het vonnis ten uitvoer te kunnen leggen.

Artikel 431 Rv
1. Behoudens het bepaalde in de artikelen 985-994, kunnen noch beslissingen, door vreemde rechters gegeven, noch buiten Nederland verleden authentieke akten binnen Nederland ten uitvoer worden gelegd.
2. De gedingen kunnen opnieuw bij de Nederlandse rechter worden behandeld en afgedaan.

Als er een verdrag is waardoor het buitenlandse vonnis in aanmerking komt voor tenuitvoerlegging in Nederland, dan hoeft men alleen nog een rechterlijk verlof tot tenuitvoerlegging van de Nederlandse rechter te verkrijgen (art. 985 Rv). De zaak zelf wordt dan niet aan een nieuw onderzoek onderworpen, maar de Nederlandse rechter zal wel toetsen of alle formaliteiten en toetsingscriteria van de toepasselijke verdragsregeling in acht zijn genomen (zie bijvoorbeeld dit artikel over de Tenuitvoerlegging van rechterlijke beslissingen voor meer informatie).

Is er geen verdrag, dan moet op grond van artikel 431 lid 2 Rv de zaak opnieuw bij de Nederlandse rechter worden behandeld en afgedaan. Niettemin kan blijken dat het vreemde vonnis erkend kan worden zodat volstaan kan worden met een veroordeling tot datgene waartoe het vreemde vonnis heeft veroordeeld. Er moet dan wel voldaan worden aan een aantal voorwaarden waaronder dat de bevoegdheid van de buitenlandse rechter in overeenstemming is met internationaal aanvaardbare maatstaven en dat de buitenlandse rechterlijke uitspraak niet in strijd mag zijn met de Nederlandse openbare orde (zie o.m. Rb. Zwolle 16 augustus 1995; NIPR 1996 143). Hierdoor is het vrij moeilijk om bijvoorbeeld een Amerikaans vonnis op basis van artikel 431 Rv in Nederland ten uitvoer te leggen, maar dus niet onmogelijk.

(32) Om redenen van algemeen belang is het gerechtvaardigd dat de rechters van de lidstaten zich in uitzonderlijke omstandigheden kunnen beroepen op rechtsfiguren zoals de exceptie van openbare orde en op bepalingen van bijzonder dwingend recht. Met name kan de toepassing van een bepaling van het door deze verordening aangewezen recht, die zou leiden tot de toekenning van bovenmatige niet compensatoire of punitieve schadevergoeding, afhankelijk van de omstandigheden van de zaak en de rechtsorde van de lidstaat van de rechter, worden beschouwd als zijnde in strijd met de openbare orde van het land van de rechter.

Artikel 26 Verordening Rome II
De toepassing van een bepaling van het door deze verordening aangewezen recht kan slechts terzijde worden gesteld, indien deze toepassing kennelijk onverenigbaar is met de openbare orde van het land van de rechter.

Hierbij verdient opmerking dat uit de considerans van de Rome II Verordening volgt dat de mogelijke toekenning van een punitieve schadevergoeding (punitive damages) onverenigbaar kan zijn met de openbare orde van Nederland. Stel bijvoorbeeld dat de Nederlandse rechter zich over deze zaak zal buigen en om de een of andere reden de zaak beoordeeld naar Amerikaans recht, dan is dus goed mogelijk dat dit terzijde kan worden gesteld op grond van artikel 26 van de Rome II Verordening.

Terug naar de Kanye zaak is er enkel het Haags Forumkeuzeverdrag 2005 (achtergrondinformatie) op grond waarvan een vonnis gewezen door een rechter in de Verenigde Staten in aanmerking kan komen voor tenuitvoerlegging in Nederland. Maar als we naar het toepassingsbereik van dit verdrag kijken dan zien we al gelijk in artikel 2 onder o een uitsluiting voor zaken over intellectueel eigendom anders dan zaken over auteursrecht en naburige rechten:

(2) This Convention shall not apply to the following matters
(…)
o) infringement of intellectual property rights other than copyright and related rights, except where infringement proceedings are brought for breach of a contract between the parties relating to such rights, or could have been brought for breach of that contract;

En aangezien Kanye in zijn aanklacht (zie Tweakers) onder meer inbreuk op zijn merkenrecht noemt lijkt dit verdrag mij niet de aangewezen manier. Kanye zal dus de weg van artikel 431 Rv moeten gaan bewandelen en dan is het nog maar de vraag of de Nederlandse rechter aanleiding zal zien om (in belangrijke mate) rekening te houden met de beslissing van de rechter uit de Verenigde Staten.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *