Zijn prijzen belastbaar als resultaat uit overig werk?

Er zijn tegenwoordig heel veel prijsvragen op internet waar je makkelijk aan kan deelnemen. Sommige mensen maken daar zelfs hun hobby van zoals Stephanie heeft gedaan en waarvan ze de resultaten op haar blog bijhoudt:

In 2014 heb ik 9455 prijsvragen ingevuld en ik heb er daarvan 118 gewonnen. Dat zijn dus belachelijk veel win-acties waaraan ik heb meegedaan! In totaal heb ik nu 553 prijzen gewonnen

Als je zoveel wint dan is het niet zo vreemd dat je een deel daarvan weg geeft of wilt verkopen. En hoewel er veel mensen blij zijn voor Stephanie dat ze zoveel wint, vragen ook een aantal mensen zich af of ze niet belasting moet betalen over de opbrengst van prijzen die ze verkoopt bijvoorbeeld omdat het resultaat uit overig werk zou zijn.

In artikel 3.96 van de Wet inkomstenbelasting 2001 zijn echter voordelen uit het deelnemen aan kansspelen vrijgesteld:

Artikel 3.96. Vrijstelling
Tot het resultaat behoren niet:
a. voordelen uit het deelnemen aan kansspelen als bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de Wet op de kansspelbelasting;

Prijsvragen vallen hier ook onder, tenzij de deelnemer aan de prijsvraag hiervoor een wetenschappelijke of kunstzinnige prestatie heeft moeten leveren. Dit laatste zal niet het geval zijn als je met simpele winacties mee doet. Een gewonnen (geld)prijs maakt natuurlijk wel deel uit van het vermogen van de winnaar, waardoor dat eventueel in box 3 belast zou kunnen worden. Ik denk dat weinig mensen hiermee moeite zullen hebben, aangezien er anders dubbel belasting wordt geheven (kansspelbelasting en inkomstenbelasting). Je zou misschien kunnen zeggen dat er onderscheid moet worden gemaakt tussen de situatie dat iemand zelf de prijzen houdt en de situatie dat men regelmatig de prijzen verkoopt. Hoewel hier misschien gevoelsmatig een verschil tussen zit, maakt het naar mijn mening juridisch niets uit. De vrijstelling heeft het over ‘voordelen’ en daaronder vallen mijns inziens ook eventuele opbrengsten van de verkoop van de prijs. Het zou immers vreemd zijn om onderscheid te maken tussen het winnen van een geldprijs en het winnen van een product dat je besluit te verkopen. Beide prijzen vertegenwoordigen een bepaalde waarde en zijn het resultaat van het winnen van een prijsvraag.

De winst van de verkoop van goederen waarvoor je wel hebt betaald kan overigens wel vallen onder resultaat uit overige werkzaamheden. Een bekende uitspraak hierover is die van een vrouw die een UWV uitkering ontving en in een jaar 320 advertenties op Markplaats had gezet. De totale vraagprijs van deze advertenties bedroeg € 48.629. Het opstellen en beheren van de advertenties werd hier gezien als arbeid zoals vereist is om te spreken van resultaat uit overige werkzaamheden. Het verschil tussen deze uitspraak en de situatie dat iemand die veel prijzen wint en verkoopt is dat het voordeel niet redelijkerwijs voorzienbaar is bij het deelnemen aan prijsvragen. Als je op grote schaal kinderwagens koopt voor 220 euro en verkoopt voor 285 euro, dan is dat voordeel wel voorzienbaar. Naast het voorkomen van een dubbele heffing is het feit dat men geen overwegende invloed kan uitoefenen op de uitkomst van prijsvragen waardoor voordeel ook niet redelijkerwijs voorzienbaar is waarschijnlijk ook een reden van het bestaan van de vrijstelling van artikel 3.96. De ‘winst’ (wat in feit de opbrengst is aangezien je geen tot weinig kosten maakt) van de verkoop van prijzen is dus niet belastbaar als resultaat uit overige werkzaamheden. Dat iemand er veel tijd aan besteed en het feit dat je altijd wel íets wint als je maar aan zoveel mogelijk dingen mee doet, doet daar niets aan af.

Gerelateerde berichten

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *